Tip van de maand Meng nooit schoonmaakmiddelen ook niet met andere chemie!

Hoe kun je de Ph waarde van een vloeistof bepalen?

Schoonmaak specialist: Alfred van der Spek

De pH-waarde van een vloeistof kan worden bepaald met behulp van

(gemakshalve voor particuliere bezoekers hierna met klik op blik gemak waar mogelijk koppelingen naar betreffende producten bij bol.com verwerkt in tekst)

Iedere waterachtige vloeistof is alkalisch, zuur of neutraal. Ook de reinigingsproducten hebben afhankelijk van hun samenstelling een van deze eigenschappen. De alkaliteit of de zuurgraad van een vloeistof kan worden gemeten en worden uit gedrukt in pH-waarde.

De lakmoespapier methode word niet zo vaak meer gebruikt het was ook altijd simpelweg gepriegel. Men gebruikte het door het lakmoespapier in de te meten vloeistof onder te dompelen, waarna deze verkleurde en met behulp van de indicatieschaal kon men de pH-waarde aflezen.

De intrede van de digitale pH-meter vereenvoudigde de methode aanzienlijk en moeiteloos kon opeens eenvoudig sterke chemie gemeten worden wat uiteraard pré is als je met zware chemie werkt.

Het meetbereik of de pH-schaal loopt van O tot en met 14. Een product met een pH van…

  • minder dan 1 = sterk zuur
  • 14 = sterk alkalisch
  • 7 = neutraal

De pH-waarde geeft het zure of’ alkalische karakter van een vloeistof aan. Per punt of waarde is er een logaritmisch verschil.
Bijvoorbeeld pH 1 verschilt ten opzichte van pH 5:
104 = 10 x 10 x 10 x 10 = 10.000

Ogenschijnlijk kleine verschillen zijn in werkelijkheid dus groot.

Zuren en alkaliën zijn tegengesteld aan elkaar en zijn in staat elkaars werking op te heffen, dit wordt “neutraliseren” genoemd. Wanneer op elkaar afgestemde hoeveelheden zoutzuur en natronloog bij elkaar worden gevoegd is het resultaat een neutrale oplossing die als eigenschap niet zuur en niet alkalisch is maar zout (zuur + alkali = zout + water).

Voor de verwijdering van vetachtige verontreinigingen zijn reinigingsproducten die licht alkalisch zijn (pH-waarde 7-10) nodig.
Voor de verwijdering van emulsies en polymeren gebruikt men producten met een pH-waarde van ca. pH 11-11.5.

Bij de reiniging van verschillende materialen mag de pH-waarde niet te extreem zijn, omdat er dan schade kan ontstaan.
Voorbeeld: Linoleum en wollen tapijt worden door producten met een hoge pH-waarde resp. >9 en >8 beschadigd, terwijl marmer en andere kalkstenen door zure producten (pH minder dan 6) oplossen.

Aantasting van materialen

pH-waardealkaliteitaantastinghuid en ogen
10-14sterk alkalischverf, linoleum, textiel, rubber, lichte metalen+
8-10zwak alkalischweinig of geen0
6-8neutraalgeen
2-6zwak zuurkalkhoudende steensoorten0*
0-2sterk zuurverf, linoleum, textiel, glazuur, kalkhoudende steensoorten, metalen+

+ = zeer gevaarlijk
– = niet gevaarlijk
0 = weinig tot geen gevaar
0* = voor de ogen gevaarlijk, voor de huid niet direct gevaarlijk

Hierna een eenvoudige illustratie van de Ph-schaal